De pagina wordt geladen...
In deze rubriek nemen we overbodige, omslachtige of onwerkbare regels op de korrel die ondernemers zwaar op de maag liggen. BOVAG reikt de overheid ingrediënten aan voor verlichting en verbetering.
In veel gemeenten is het nog altijd niet toegestaan dat een fietsretailer zich vestigt op een bedrijventerrein. Terwijl daar juist grote behoefte aan is. Moderne fietswinkels hebben vaak honderden e-bikes, bakfietsen en speed pedelecs op voorraad. Bedrijventerreinen bieden veel meer mogelijkheden voor veilige testritten met deze verschillende typen fietsen, zowel binnen als buiten.
Ook het laden en lossen voor leveranciers en klanten is op een bedrijventerrein veel eenvoudiger dan in een drukke winkelstraat. Daarnaast worden de eisen voor de opslag van accu’s steeds strenger. Dat laat zich vaak lastig combineren met een ouder winkelpand in de binnenstad.
Het is onbegrijpelijk dat sommige gemeenten het belang hiervan wél inzien en fietsretail op bedrijventerreinen mogelijk maken, terwijl andere gemeenten vasthouden aan een achterhaalde visie op ruimtelijke ordening en detailhandel.
De argumenten die daarbij worden aangevoerd – zoals de bescherming van de binnenstad of de stelling dat een bedrijventerrein niet is ingericht op winkelend publiek – zijn allang achterhaald. Een fiets is geen impulsaankoop, maar een gerichte investering waarvoor ruimte nodig is voor advies, presentatie en een proefrit. Dat is goed vergelijkbaar met de verkoop en het onderhoud van auto’s. Voor fietsreparaties geldt hetzelfde.
Volgens BOVAG moeten gemeenten hun bestemmings- en omgevingsplannen zo snel mogelijk flexibeler en toekomstbestendiger maken. Ondernemers moeten meer ruimte krijgen om hun activiteiten op een verantwoorde manier uit te breiden en te combineren.
Gemeenten die nog vasthouden aan een verbod, zouden eens moeten kijken naar collega’s waar vestiging op een bedrijventerrein al zonder problemen mogelijk is. Daar blijkt dat dit prima kan.
BOVAG dringt bij landelijke en lokale overheden aan op meer flexibiliteit en duidelijkheid. Daarover is BOVAG al geruime tijd in gesprek met onder meer het ministerie van Economische Zaken.
Inmiddels heeft het ministerie tegenover BOVAG erkend dat verschillen in de behandeling van fietsretail en autoretail vragen kunnen oproepen in het licht van de Dienstenrichtlijn. Volgens het ministerie moeten vestigingsbeperkingen proportioneel, niet-discriminatoir en deugdelijk gemotiveerd zijn. Ook ziet het ministerie een rol voor de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de provincies bij bewustwording en beleidsontwikkeling.
Voor BOVAG is dit een belangrijke bevestiging dat bestaande vestigingsbeperkingen niet vanzelfsprekend houdbaar zijn en opnieuw tegen het licht kunnen worden gehouden. Dat biedt kansen voor fietsondernemers die zich op een bedrijventerrein willen vestigen.
Daarnaast is inmiddels een brochure beschikbaar waarmee gemeenten hun beleid kunnen toetsen aan de genoemde Dienstenrichtlijn. Zo kunnen zij beoordelen of bestaande beperkingen ‘proportioneel, niet-discriminatoir en goed onderbouwd’ zijn. Is dat niet het geval, dan is er geen goede reden om een fietsretailer vestiging op een bedrijventerrein te weigeren.
Download hier de brochure over de Dienstenrichtlijn.
Dit verhaal is verschenen in BOVAGkrant 6-2026.