De pagina wordt geladen...

Vier jaar na de aankoop van een nieuwe e-bike gaat de motor kapot. De consument vindt dat de motor bij normaal gebruik langer mee zou moeten gaan en wil dat de ondernemer de hele reparatie vergoedt. De ondernemer weigert dit, omdat de fiets niet bij hem in onderhoud is geweest. De Geschillencommissie Tweewielers doet een uitspraak.
Een consument koopt een nieuwe e-bike voor € 3.500,-. Na vier jaar stopt de middenmotor ermee en moet deze worden vervangen. De kosten bedragen ongeveer € 1.000,-. De ondernemer bij wie de consument de fiets heeft gekocht, stelt voor om één uur arbeidsloon in mindering te brengen. Dat komt neer op een tegemoetkoming van ongeveer vijf procent van de totale kosten. De consument vindt echter dat hij mag verwachten dat de middenmotor van een fiets in deze prijsklasse bij normaal woon-werkverkeer langer meegaat. Hij wil daarom dat de volledige reparatiekosten worden vergoed. Omdat beide partijen er samen niet uitkomen, legt de consument de zaak voor aan de Geschillencommissie Tweewielers.
De ondernemer stelt dat de fabrieksgarantie van de fiets inmiddels is verstreken. Daarnaast is de fiets de laatste drie jaar niet door hem onderhouden. De consument heeft ervoor gekozen om onderhoud niet door een merkdealer uit te laten voeren. Ook is de fiets niet digitaal uitgelezen.
De Geschillencommissie Tweewielers schakelt een deskundige in om de technische kant van de zaak te bekijken. Het gebrek betreft een motor die niet meer werkt of geen ondersteuning meer geeft. De oorzaak ligt in de motor, maar kan niet exact herleid worden. Omdat de fiets niet door de ondernemer is onderhouden, zijn oudere foutmeldingen niet meer uit te lezen. Aan de hand van die meldingen had mogelijk kunnen worden vastgesteld of er sprake was van een afwijkende spanning van de gemonteerde belt.
De ondernemer beroept zich op het feit dat de fabrieksgarantie is verlopen. Volgens de Geschillencommissie Tweewielers betekent dat niet dat de rechten van de consument automatisch vervallen. De Geschillencommissie Tweewielers beoordeelt daarom of er sprake is van non-conformiteit, oftewel wettelijke garantie. Non-conformiteit houdt in dat een product de eigenschappen moet bezitten die nodig zijn voor normaal gebruik en die de koper op grond van de koopovereenkomst redelijkerwijs mag verwachten. Ook nadat de commerciële garantie is verlopen, kan een koper zich hierop beroepen wanneer een product binnen de verwachte levensduur gebreken vertoont die niet verwacht mochten worden. Daarvan is echter geen sprake als de schade de consument kan worden toegerekend. Dat is volgens de Geschillencommissie in deze zaak wel het geval. De consument wist van de garantievoorwaarden en van het belang van onderhoud door een dealer. Toch koos hij ervoor het onderhoud elders te laten uitvoeren. Daardoor heeft de ondernemer geen gelegenheid gehad om mogelijke mankementen tijdig te signaleren en te verhelpen. Het risico daarvan ligt daarom bij de consument.
De Geschillencommissie verklaart de klacht van de consument ongegrond. De ondernemer hoeft niets van de reparatiekosten te vergoeden.
Klik hier voor meer uitspraken van de Geschillencommissie.